Niemand is veilig bij de georganiseerde chaos van Kor Hoebe
Cabaretier Kor Hoebe staat niet in de krant en komt niet op tv en weet toch binnen no-time een theatertour uit te verkopen. Zijn geheim? Het kleine schermpje in je hand. Met messcherpe humor, ad rem publiekswerk en onverwacht kwetsbare gesprekken verbindt Kor moeiteloos mensen van verschillende generaties, achtergronden en energieën tot één bruisende zaal. Voorafgaand aan zijn show bij Theater Lampegiet spraken we hem over geluk, tegengas, publiekschemie en waarom zijn werk soms voelt als wit- en soms als volkorenbrood.
Dit interview liever kijken of luisteren? Klik dan op de podcast onder aan deze pagina!
Rond je 21e had je je roeping gevonden. Hoe wist je dat cabaret de weg naar succes was voor jou?
Kor: “Wat succes is, verschilt per levensfase. Volgens sommige mensen heb ik nu succes door alle volle zalen, maar volgens mij heb je een succesvol leven als je hele mooie relaties hebt met mensen. Dus in die zin kan mijn leven nog wel succesvoller zijn. Ik zie mijn vrienden namelijk bijna nooit omdat ik zoveel werk.
Maar om op je vraag te antwoorden: vanaf mijn 21e ben ik begonnen aan die lange, lange lijdensweg naar acht minuten spelen, ook bij de shows van Saïd, zoals Veenendaal Lacht. Dan moet je door het hele land elke keer een paar minuten spelen om zoveel mogelijk kilometers te maken. En nu ben ik hier met mijn eigen show. Ik ben er heel trots op dat dat is gelukt.”
Je hebt acht jaar lang rondleidingen gegeven waarbij je humor gebruikte om de aandacht erbij te houden. Heb je daar skills opgedaan die je nu op het toneel gebruikt?
“Ja, zeker. Ik gaf rondleidingen in het centrum van Amsterdam, ik ben Amsterdammer. Dat deed ik voor mensen van over de hele wereld. Toen merkte ik dat als je de aandacht van mensen wil vasthouden, je een bepaalde stijl moet ontwikkelen. Als je Duitsers kan laten lachen wanneer het twee graden is en er drie uur lang hagel van boven komt, is dat de beste leermethode.”
In 2022 postte je je eerste filmpje op Tiktok, waarna je in een stroomversnelling terecht kwam. Hoeveel impact heeft de kracht van het internet op jouw loopbaan?
“Heel veel. Als het internet en sociale media er niet geweest waren, dan had ik niet zo’n loopbaan gehad. Ik heb het echt te danken aan dat mensen mijn stijl konden vinden. Mijn stijl is nu niet meer uniek, maar was toen wel vernieuwend en met heel veel improvisatie erin. Ik heb best vaak geprobeerd om door te breken bij cabaretfestivals, maar dat werkte niet. Door de sociale media is mijn carrière wel echt omhooggegaan, anders was het niet gelukt.”
"Het liefst ben ik thuis en kijk ik heel nerd-erig
YouTube-filmpjes over geschiedenis"
Je doet heel veel improv, maar je hebt ook een stuk show voorbereid. Waar doe je daarvoor je inspiratie op?
“Het leven. Wat er gebeurt in mijn leven. Wat er gebeurt in de wereld. Het kan van alles zijn, het kan dit interview zijn. Ik kan vanavond het podium opgaan en over dit interview vertellen en als het leuk genoeg is, ik het morgen weer vertel en ze lachen nog steeds, dan kan het een onderdeel van de show worden.”
Haal je inspiratie uit wat er nu gebeurt of wat je denkt dat er gaat gebeuren?
“Ik denk dat mensen een verkeerd beeld hebben van mij. Ik treed graag op en ik ga graag met mensen in de foyer op de foto, maar het liefst ben ik thuis en lees ik boeken of kijk ik heel nerd-erig YouTube-filmpjes over geschiedenis. Daar haal ik ook heel veel inspiratie uit.”
Waarom doe je dit?
“Dit? Ja… aandachtstekort van mijn ouders. Gewoon een leegte in mijn ziel die ik moet opvullen met aandacht van anderen, maar dat is bijna inherent aan het vak, iedereen die op het podium staat heeft dat. Als ze het niet hebben, moet je gewoon doorvragen en dan vertellen ze het uiteindelijk wel. Ik word wel gelukkig van mijn werk. Het is heel leuk, maar het fulfilment van lesgeven in de jeugdgevangenis – wat ik ook doe – is wel meer. Dat is op het moment zelf niet leuker, maar dat houdt mijn ziel langer vol. Dat is het volkorenbrood en dit is witbrood.”
Hoeveel materiaal bereid je daadwerkelijk voor en knip je daarin als publiekswerk goed werkt op het moment?
“De helft bereid ik voor en daar knip ik niet in. Dan duurt de show gewoon langer. Tenzij het écht te lang door gaat, maar meestal is de sfeer zo goed, dat de show gewoon langer duurt. Eindtijd is dus zeker onder voorbehoud. De show duurt minimaal 85 minuten, maar kan zo oplopen tot soms wel 100 minuten.”
"Dat klinkt heel zweefteef-erig,
maar als er totaal vertrouwen is in elkaar,
kan het heel hard gaan."
Wanneer merk je tijdens een show dat het publiek echt ‘aan’ gaat? Is er een moment waarop je denkt: nu zijn we vertrokken?
“Eigenlijk al bij de opkomst. Als ik opkom en er wordt hard gejuicht en de eerste paar grappen vallen hard, dan denk je: ‘Nu zijn we vertrokken.’ Maar soms is dat moment later. Soms gebeurt het echt pas in minuut twintig van de show, dat heb ik laatst ook een keer gehad. Maar er is altijd een moment waarop het publiek denkt: ‘We begrijpen jou. Jouw energie klopt met onze energie.’ Dat klinkt heel zweefteef-erig, maar als dat eenmaal matcht en er is totaal vertrouwen in elkaar, dan kan het heel hard gaan. En met ‘hard gaan’ bedoel ik dat de sfeer zo goed is, dat alles grappig, maar ook mooi en lief wordt.”
Je doet heel veel met publiekswerk. Hoe snel heb je door wie je wel of niet mee wil nemen in een potje humoristisch worstelen?
“Goede vraag. Best wel snel. Soms zegt mijn instinct: ‘Laat diegene maar.’ En ook als ik denk dat er nog iets meer in zit, wint mijn instinct meestal. Maar ik wil het ook niet al te snel opgeven. Het beste is als mensen een klein beetje tegengas geven, maar wel meedoen, in plaats van alleen maar tegengas geven. Dan heb je de leukste gesprekken. Als mensen ook energie teruggeven en het echt een gesprek wordt.”
Kan je van tevoren aan iemand zien of die het ziet zitten dat je met hem gaat praten? Vaak zitten mensen graag achter in de zaal om die reden, maar jij neemt een zaklamp mee.
“Ja, klopt. Mensen weten dat toch al, ik heb genoeg filmpjes gemaakt met dat ik de zaklamp meeneem. Dus iedereen kan de lul zijn en dat is ook wat ik wil. Pro-tip: de eerste rij pak ik vaak juist niet aan. De eerste rij is dus bij mij veilig en de rest niet.”
"Het kost me energie,
maar ik stop er energie in
en krijg er geluk voor terug."
Ben je iemand die tijdens je show vaak nadenkt of ga je totaal op intuïtie?
“Als ik goed bezig ben, gaat het helemaal op intuïtie. Zodra ik begin na te denken, gaat het niet goed. Dan ben ik niet in het moment en niet geconcentreerd genoeg. Dat komt meestal als ik te veel shows achter elkaar heb gespeeld, dan is het lastig om in het moment te blijven. Maar als dat wel lukt, is dat het allerbeste gevoel. Ik heb niet zo heel veel gesurft, maar als het lukt en je staat op het bord met die golven, is dat hetzelfde. Dan gaat het echt lekker en vergeet je alles. Je vergeet de tijd en bent helemaal in het moment. Maar dat gebeurt niet zomaar.”
Voor niet-kenners kan je show overkomen als een georganiseerde chaos. Hoe houd je zelf het overzicht? Je bent bijvoorbeeld ook heel goed in het onthouden van namen tijdens je show.
“Voor mij is het net als met mijn bureau. Mijn bureau is één grote zooi, maar ik weet wel waar alles ligt. Daarmee kan ik werken. En mijn schaar heeft niet echt een naam, maar hoe ik de naam onthoud, is gewoon door willen. Iedereen kan dat, je moet het écht willen. En er is hier noodzaak bij omdat je die show moet doen. Die namen ben ik overigens wel weer vergeten als de show voorbij is. Pro-tip: lesgeven in de jeugdgevangenis. Daar heb je maar één kans. Je voelt de noodzaak om de namen te leren, want als je ze niet kent, sta je meteen 3 – 0 achter. Als je het dus wel doet, scheelt dat heel veel. Op het podium gebruik ik hetzelfde trucje.”
Is er wel eens iemand geweest die je van je stuk heeft gebracht in een one-on-one?
“Ja. Dat waren twee prostituees die eerlijk hadden verteld dat ze prostituees waren. Dat was in een comedy club. Ik was zo van mijn à propos toen ik na een tijdje doorhad dat het echt was. Normaal als je zoiets hoort, denk je: dat is bullshit, ze lullen maar wat. Maar het was écht en ik vond het zo eerlijk van ze. Ik had ook heel veel vragen. Ik vond het moeilijk om er een grap over te maken omdat ze zo kwetsbaar en naakt – niet echt naakt, maar figuurlijk – in die zaal zaten en geen agenda hadden. De meeste mensen hebben dat wel. Daar ben ik wel van mijn à propos van geweest.”
Wat is voor jou het verschil in sfeer tussen een comedy club en een theater?
“Een comedy club is heel rauw. Het draait daar écht om de grap. Je moet daar twee of drie grappen per minuut maken. Als je een paar keer een aanzet tot een grap doet en hij valt niet, dan heb je wel echt een probleem. Er is ook bediening en er gaan mensen naar de wc. Er gebeurt van alles. Mensen eten chips of bitterballen. Mensen zijn lam. In het theater is het heel netjes, zeker doordeweeks.
Soms is het heel fijn om weer in een comedy club te spelen omdat het echt sneller gaat en het rauwer is, maar in het theater is er plek voor verhalen die wat dieper gaan. In het theater kan je twee of drie minuten geen lach hebben en wat dieper in het verhaal zitten. Het heeft dus allebei voor- en nadelen. Daarbij zijn er ook niet zoveel comedy clubs in Nederland. Er zijn maar een stuk of zes échte comedy clubs.”
"Misschien maken we wel te veel grappen
over dingen die we eigenlijk zouden
moeten laten bezinken."
Je geeft ook drama-les in de jeugdgevangenis. Hoe combineer je dat nu je steeds populairder wordt en uitverkochte tours hebt. Dan heb je daar toch minder tijd voor?
“Ja, maar het is wel belangrijk. Heel soms moet ik wel eens afzeggen als ik bijvoorbeeld in België speel. Dan haal ik het niet om er de volgende ochtend te zijn. Maar in principe ben ik elke vrijdagochtend daar. Het is gewoon belangrijk. Je moet het gewoon doen. En ik word er heel gelukkig van. Het kost me energie, maar ik stop er energie in en krijg er geluk voor terug. Dat is een hele mooie deal.”
Hoe zorg je ervoor dat je niet overwerkt raakt?
“Dat is een goeie. Ik krijg binnenkort ook een kind. Waarschijnlijk is hij er al als mensen dit zien. Veel collega’s zijn ten onder gegaan aan werkdruk. Ik hoop niet dat ik één van hen ben. Ik sport veel. Dat kan je niet zien, maar het is echt zo. En ik probeer zo gezond mogelijk te leven en ook echt downtime te hebben. Ik neem ook de schoolvakanties vrij. Ik heb dus dertien weken vakantie, maar die heb je echt nodig om op te laden want je wordt geestelijk en lichamelijk helemaal moe.
Er zijn ook cabaretiers die maar twee keer per week optreden. De meesten treden drie keer per week op, ik doe er vier. De echte lijpo’s spelen wel vijf keer in de week. Dat deed ik in het begin ook, toen ik alleen nog maar stand-up deed. Maar toen hoefde je maar acht minuten te spelen op een avond waar jouw naam niet op stond. Als iets slecht ging, konden mensen denken: ah, de derde van de acht vond ik niet zo leuk. Nu kopen mensen een kaartje voor jou met jouw naam, dus de druk is nu heel hoog.”
Welke rol speelt humor buiten het podium voor jou?
“Het relativeert. Kijk: humor is tragedie plus tijd. In mijn familie en vriendengroep gebruiken we humor heel veel om te relativeren. Misschien maken we wel te veel grappen over dingen die we eigenlijk zouden moeten laten bezinken. We gebruiken humor als helend, maar misschien moet je af en toe gewoon even de emotie voelen en er helemaal doorheen gaan om het dán pas grappig te maken. Ik, mijn vrienden en mijn broertje gaan altijd eerst voor de grap, ook al is het nog heel pijnlijk.”
Als jij de mensen in één zin moet overtuigen van live theater, wat zeg je dan?
“Als je echtheid wilt – en dat is heel weinig te vinden – moet je naar het theater. Daar gebeurt het, daar is het echt. Iemand spreekt iets uit en het is in het nu. Ook als de grap is voorbedacht, op dát moment is het op die manier uitgesproken. Echter dan dat kan je het niet krijgen. Ook niet als je naar de bioscoop gaat, ook niet als je Netflix kijkt. Ga gewoon naar het theater. Dat is niet één zin, hè? Heel veel komma’s.”
Tekst: Cheyenne Bloemberg